Home › Biomarkers › Magnesium
Ongeveer 50% van de Amerikanen krijgt minder magnesium binnen dan de geschatte gemiddelde behoefte. Dat schrijven onderzoekers in een overzicht over magnesium in het bloed.[1]
Op deze pagina lees je wat magnesium is, wat de richtlijnen zeggen over een te lage of te hoge waarde, wat je waarde beinvloedt en welke waarden je er het beste naast legt.
Ook wel: Mg, serummagnesium. Bij het lab: MG.
Magnesium is een mineraal. Je lichaam neemt het op aan het einde van de dunne darm. Van het magnesium in je voeding neemt je lichaam 20 tot 60% op. Hoe meer magnesium in je voeding, hoe lager dat percentage.[2]
Maar 1% van het magnesium in je lichaam zit in je bloed. Ongeveer de helft zit in botten en tanden. De rest zit in cellen, spieren, organen en zenuwweefsel.[2]
Magnesium helpt je spieren goed te werken. Het zorgt dat een groot aantal enzymen goed werkt. Enzymen zijn stoffen die processen in je lichaam mogelijk maken. Ook speelt magnesium een rol bij de energieproductie van je cellen.[2]
Bij een tekort kun je je lusteloos of moe voelen of spierkrampen krijgen. In extreme gevallen raakt het hartritme verstoord. Het is moeilijk vast te stellen of een tekort de oorzaak van zulke klachten is.[2]
Onderzoekers zien in studies bij dieren en mensen dat een tekort aan magnesium samengaat met verschillende langdurige aandoeningen. Het gaat onder meer om aandoeningen van het hart en de bloedvaten, van de botten, van de stofwisseling en aandoeningen met ontsteking.[1]
Het lab hanteert voor magnesium een referentiewaarde van 0,71 tot 0,98 mmol/l. Een waarde tussen die grenzen noemt het lab normaal.[3]
| Waarde | Wat het kan betekenen | Voor wie |
|---|---|---|
| Onder 0,75 mmol/l[1] | Onder het huidige referentie-interval; kan wijzen op een tekort | De bevolking waarop het interval is gebaseerd (NHANES I, 1974) |
| 0,75 tot 0,95 mmol/l[1] | Binnen het huidige referentie-interval; toch kan een verborgen tekort bestaan | De bevolking waarop het interval is gebaseerd (NHANES I, 1974) |
| Boven 0,95 mmol/l[1] | Boven het huidige referentie-interval | De bevolking waarop het interval is gebaseerd (NHANES I, 1974) |
Bron: Costello en collega's, Adv Nutr. Het huidige referentie-interval voor serummagnesium, afgeleid van de spreiding in een gewone bevolking en niet van gezondheidsuitkomsten.[1]
Een lage waarde kan wijzen op een tekort aan magnesium. Zo'n tekort kan ontstaan als je nieren of darmen slecht werken. Toch is je bloedwaarde geen goede maat voor een tekort, omdat er maar weinig magnesium in je bloed zit. Onderzoekers schrijven dat een verborgen tekort ook kan bestaan bij een waarde binnen het huidige interval.[2, 1]
Een waarde boven het interval in de tabel ligt hoger dan wat in de gewone bevolking werd gemeten. Over inname schrijft het Voedingscentrum dat je alleen te veel magnesium binnenkrijgt via supplementen, magnesiumzouten of mineraalwater met veel magnesium.[2, 1]
BioProfile werkt aan eigen zones per waarde, van risico tot optimaal. Een arts beoordeelt die zones voordat ze in je uitslag verschijnen.
Magnesium zit in volkorenbrood en andere volkoren graanproducten, groente, noten, melk en melkproducten en vlees. Ook water kan bijdragen. Een handje ongezouten noten van 25 gram bevat 54 milligram magnesium.[2]
Te veel magnesium krijg je alleen binnen via supplementen, magnesiumzouten of mineraalwater met veel magnesium. Krijg je naast je eten meer dan 250 milligram per dag extra binnen, dan kunnen darmklachten zoals diarree ontstaan.[2]
Je darmen nemen magnesium op uit je voeding. Als je nieren of darmen slecht werken, kan een tekort aan magnesium ontstaan.[2]
Magnesium zit in alle vijf de pakketten, van BioProfile 31 tot BioProfile 150.[4]
De BioProfile-redactie schreef deze pagina op 5 oktober 2026 uit de bronnen hieronder, die we op 5 oktober 2026 hebben gelezen. Elk getal op deze pagina staat in een van die bronnen, met het nummer van die bron erbij. Een deskundige controleert deze pagina nog; na die controle staan de naam van die deskundige en de datum van de controle bovenaan. Deze pagina geeft uitleg en geen diagnose. Bespreek een afwijkende waarde met je huisarts.